CVN - Commissie Cultureel Verdrag Vlaanderen - Nederland

cijfers3

Vlaams-Nederlandse cijfers en data-ontsluiting  

08/12/2014

CVN merkt op dat unilaterale sectoranalyses en landschapstekeningen binnen het brede culturele veld onderling moeilijk vergelijkbaar zijn. Zowel grens- als sector overschrijdend. Dit omwille van het hanteren van variabele definiëringen, data-verzamelingsmethoden en verwerking, en het ontbreken van betrouwbare bilateraal vergelijkbare gegevens.

Dataverzameling loopt in zowel Vlaanderen als Nederland decentraal. Concreet wil dit zeggen dat cijfers unilateraal verspreid zijn onder verschillende instellingen, in verschillende databanken die vaak niet met elkaar in verband worden gebracht.

Maar niet alleen na analyse van het theoretische materiaal, ook de sector en het beleid heeft de wens uitgesproken voor een onderling vergelijkbaar statistisch onderzoeksinstrument binnen de brede culturele sector. Vlaams Minister van Cultuur Sven Gatz stelt in zijn beleidsnota werk te willen maken van het volgende:

 “gedegen statistische rekeningen voor de culturele en de creatieve sectoren en van een cultuurindex, een set van bestaande of te creëren indicatoren die de gezondheid van de cultuursector monitoren en inzichtelijk en internationaal vergelijkbaar maken[1].”

CVN kan de nut en noodzaak van een dergelijk onderzoeksinstrument naar eigen ervaringen beamen.

Naast het feit dat de voorhanden publicaties, ruwe data, indexen en gecodeerde data
onderling geenszins vergelijkbaar zijn, stelt CVN binnen bepaalde sectoren ook een gebrek aan cijfermateriaal vast en een zeer beperkte toegankelijkheid voor derden.

Nut en noodzaak

CVN benadrukt dat een Vlaams-Nederlands onderzoeksinstrument en/of het indexeren van kwalitatieve én kwantitatieve data (zoals databases, ruwe data, indexen, gecodeerde data als landschapsschetsen en sectoranalyses) van belang zijn om beleid bij te kunnen sturen[2].

In de sector leeft een bezorgdheid over het toenemende belang van cijfers en data in het debat over de waarde van kunst en cultuur. Cijfers zijn steeds vaker nodig als bewijs om de samenleving te overtuigen van die waarde, terwijl net de kern van het culturele of artistieke zo goed als niet meetbaar is. CVN plaatst bij de culturele indexatie dan ook de kanttekening dat niet alle waarden van cultuur, waaronder die van zingeving, in cijfers uitgedrukt kunnen worden. Zoals Nederlands minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap Jet Bussemaker in haar Visiebrief verduidelijkt: cultuur heeft artistieke, maatschappelijke en economische waarden[3].

Doorwerkend op opmerkingen van Pascal Gielen[4] vindt CVN het belangrijk niet alleen methodologisch bewijs voor te leggen, maar deze ook te kunnen beargumenteren. Cijfers en argumentatie moet niet als afzonderlijk, maar als synergetisch worden beschouwd.

Tussentijds Advies

Dataverzameling in Vlaanderen en Nederland verloopt volgens verschillende grootheden en definities. Bovendien worden deze in verschillende formats gepresenteerd. Dit maakt bilateraal gezamenlijke evaluatie van resultaten en onderbouwing van toekomstig beleid moeilijk.

CVN beveelt aan om de dataverzameling in Vlaanderen en Nederland waar mogelijk te centraliseren en gelijk te schakelen aan de hand van een meerjarig tijdsverloop om te worden geduid en geanalyseerd, door een onafhankelijke organisatie. Dit ter onderbouwing van toekomstig beleid voor samenwerking.

CVN verwijst hier naar de beleidsnota[5] van de Vlaams Minister President Bourgeois waarin hij onderstaande uitdaging formuleert: “Minder bureaucratie, meer efficiëntie en meer resultaat per uitgegeven euro (…)”. En naar de vraag van minister van Cultuur Sven Gatz om indicatoren inzichtelijk en internationaal vergelijkbaar te maken.

Het bundelen van bestaande gegevens vraagt een investering maar levert volgens CVN een grote meerwaarde voor de Vlaams-Nederlandse samenwerking. Gebruik maken van de bestaande infrastructuur is hierbij dan ook prioritair.

Zonder te willen vooruitlopen op uitvoering van advisering, zou het voor de hand kunnen liggen met de Boekmanstichting het gesprek aan te gaan, om te bezien op welke wijze hun nieuwe Cultuurindex aangevuld kan worden met Vlaams materiaal. Hergebruik van kennis en technieken die daaraan ten grondslag liggen kan alleen maar tot meerwaarde leiden. Het nieuwe Kunstenpunt in Vlaanderen kan wellicht vanuit hun opdracht een significante rol spelen.

Een verzameling nationale (en dus ook bilaterale) cijfers, met een eenvoudige interface, en duiding van trends en ontwikkelingen. Mogelijk met dieperliggende en aanvullende informatie voor onderzoekers en verdere vraagafhankelijke cijfermatige doorrekeningen.

Op deze manier zou een echt compleet platform kunnen ontstaan, waar iedereen beschikbare cijfers aanlevert, ook de overheden, en wordt ook voorkomen dat ‘het eigen beleid wordt beoordeeld’.

Atlas voor Vlaams-Nederlandse culturele samenwerking

Om tegemoet te komen aan de nood voor een bilateraal onderzoeksinstrument plande CVN in samenwerking met de Nederlandse Taalunie en de Atlas voor Gemeenten: de Atlas voor Vlaams-Nederlandse culturele samenwerking. Ze vertaalt daarmee een vraag van de Vlaams Minister President Bourgeois om samen te werken met de privésector[6] naar de praktijk.

In de Atlas voor Vlaams-Nederlandse culturele samenwerking kan op regelmatige basis het gehele Vlaams-Nederlandse veld met dezelfde dataverzamelingsmethoden geanalyseerd en gevisualiseerd worden.

De Atlas van Vlaams-Nederlandse culturele samenwerking vormt een uniek  ‘praktijkgericht beleidsinstrument’, dat voor zowel overheden, als spelers in het veld van nut kan zijn.

Zoals in de reguliere Atlas voor Gemeenten jaarlijks een specifiek deelaspect wordt benadrukt, zo kan in  de Atlas voor Vlaams-Nederlandse culturele samenwerking ook per editie een aspect van die samenwerking kunnen worden gepresenteerd.

Vanwege het opheffen van de huidige commissie en het secretariaat zal dat vanuit CVN helaas geen doorgang kunnen vinden. CVN hoopt van harte dat het initiatief door de Taalunie verder kan worden opgepakt en doorontwikkeld tot een tot nu toe uniek en node gemist beleidsinstrument voor de Vlaams-Nederlandse culturele samenwerking.

Bronnen:
[1] Gatz, S., (2014)

[2] Cultuur in Beeld 2014, ministerie van OCW  richt zich met haar publicatie cultuur in beeld vooral op hen die het cultuurbeleid vormgeven. Daarnaast biedt ze overzicht voor de geïnteresseerde journalist, cultuurmaker en cultuurliefhebber.

[3]  Minister Bussemaker. Cultuur beweegt. De betekenis van cultuur in een veranderende samenleving (2013).

[4] Gielen, P. (2015). No Europe, No Culture: on the foundations of politics

[5] Beleidsnota 2014-2019: Algemeen Regeringsbeleid

[6]De noodzaak om te innoveren en tot meer efficiëntie te komen bij de realisatie van publieke taken maken samenwerking met de privésector noodzakelijk.’(Beleidsnota 2014-2019: Algemeen Regeringsbeleid)

Zie hieronder de volledige bronnenlijst:

Geschreven door

Chris Deforche

Neem contact op met Chris Deforche voor meer informatie over dit bericht