CVN - Commissie Cultureel Verdrag Vlaanderen - Nederland

12630012064_7997357635_o (2)

Vlaams-Nederlandse samenwerking in de Creatieve Industrie

10/04/2014

Op expliciet verzoek van de Nederlandse overheid in relatie tot FotoPLUS, heeft CVN afzonderlijk ingezoomd op de sector van de Creatieve Industrie.

Vlaanderen en Nederland benadrukken beiden afzonderlijk de kracht van de creatieve industrie: ambitie om creativiteit te bevorderen en de creatieve sectoren te laten bloeien. Niet perse gelijkelijk geformuleerd, maar intentioneel zeer overeenkomstig.

De vraag ligt voor de hand of er voordelen te behalen zijn richting derde landen in grensoverschrijdende samenwerking. Welke concrete en praktijkgerichte kansen zouden beschreven kunnen worden om samen op te trekken?

CVN heeft daarnaast zich de vraag gesteld in hoeverre deze wens in de sector zelf bestond. CVN heeft vanuit de praktijkgerichte aanpak, ondernemers bevraagd over de ervaren meerwaarde van een grensoverschrijdende samenwerking op dit gebied.

Naast de Creatieve Industrie heeft CVN ook de Vlaams-Nederlandse Podiumkunstensector, het Sociaal-Culturele werkveld en de Taal- en Letterensector beschreven.

Lees hier het verslag van de expertmeeting Creatieve Industrie van 18 november

Tussentijdse resultaten

Zowel Vlaanderen als Nederland hebben beide, afzonderlijk in hun beleid de kracht van de Creatieve Industrie naar voren gebracht. Men spreekt over de ambitie om creativiteit te bevorderen en de creatieve sector te laten bloeien. De omschrijvingen zijn niet perse gelijkelijk geformuleerd, maar zijn intentioneel zeer overeenkomstig.

Hoewel vaak besproken op beleidsniveau, heeft CVN vastgesteld dat Vlaams-Nederlandse samenwerking binnen de creatieve sectoren in de praktijk nog maar sporadisch plaatsvindt. De complexe sector van de Creatieve Industrie omvat zowel economische- als culturele en creatieve waarden. De sector geeft aan dat samenwerking ontstaat wanneer deze opportuun is en economische winst behaald kan worden. CVN heeft dan ook opgemerkt dat er meer sprake is van samenwerking tussen economische spelers, waartegen dit voor culturele partners nog niet vanzelfsprekend is. De sector geeft aan dat een gedeelde taal en geschiedenis geen doorslaggevende factoren zijn in de overweging tot samenwerking.

Tussentijds advies
  • Zowel de sector als het beleid leggen de focus op internationalisering. Toch werd meer dan in andere sectoren, de meerwaarde van een Vlaams-Nederlandse samenwerking in vraag gesteld. Niettemin heeft de sector wel haar interesse getoond door vragende partij te zijn naar de facilitatie  van Vlaams-Nederlandse ontmoetingen in het kader van kennisuitwisseling en netwerking.
  • In reactie op inzet van het beleid op gezamenlijke Vlaams-Nederlandse representatie en/of het promoten van de lage landen als regio, heeft de sector gevraagd een duidelijke focus aan te brengen. Beide landen zetten afzonderlijke pijlers op sectorale actoren zoals mode, design, gaming…waardoor Vlaanderen-Nederland zich moeizaam met een gezamenlijke specialisatie promoot.
  • Versnippering van beleid belemmert momenteel de continuïteit van internationale samenwerking. Zo wordt er momenteel nog te vaak ingezet op eenmalige projecten, wat te boete doen aan profilering en mist aan vooropgestelde visie.
  • De kracht van de Creatieve Industrie ligt in de opkomst van bottum-up organisaties en zelf-organiserende netwerken die in nauwe samenwerking met en langs artiesten ontwikkeld worden. Om die reden zou een conclusie kunnen zijn om het zwaartepunt van de Creatieve Industrie mogelijk meer op lokaal- dan op beleidsniveau te leggen.

Zie hieronder de bronnenlijst:

Geschreven door

Chris Deforche

Neem contact op met Chris Deforche voor meer informatie over dit bericht